Alle ratelaars op een rijtje

04 juli 2022

In bermen waar bloemenmengsels zijn ingezaaid groeien vaak ratelaars: eenjarige planten met gele bloemen. Soms groeien er opeens honderden dicht bij elkaar. In Nederland komen drie soorten voor: harige -, grote - en kleine ratelaar.

Van links naar recht: harige -, grote - en kleine ratelaar (foto: Caroline Elfferich)

Begin juni wandel ik langs de Laan van Klapwijk in Pijnacker en bewonder de uitbundig bloeiende ratelaars, die daar omstreeks 2017 zijn ingezaaid. De slanke planten zijn bescheiden van formaat; ze worden maximaal 80 centimeter hoog. De toppen van ratelaars zijn meestal bleekgroen van kleur, omdat er weinig bladgroenkorrels zitten in de opgeblazen bloemkelken en schutbladen van de bloeiwijze. Ratelaars zijn parasitaire planten. Onder de grond onttrekken ze voedingstoffen aan de wortels van grassen. Gras doet het minder goed op plekken waar veel ratelaars groeien, waardoor andere bloeiende planten meer kans krijgen om zich te vestigen. Daarom worden ratelaars vaak aan zaaimengsels toegevoegd.
Terwijl mijn blik over de berm vol ratelaars dwaalt, wordt mijn aandacht getrokken door een aantal pollen die er naar mijn idee ongewoon uitzien. De bloeiwijzen zijn slanker en donkerder groen dan ik gewend ben. Als ik de afwijkende planten determineer blijkt dat het kleine ratelaar betreft. Deze waarneming vind ik verrassend. Volgens de zaadlijst was er kleine ratelaar ingezaaid in de Idylle bij Pijnacker Zuid. De afgelopen jaren heb ik daar vele duizenden ratelaars gezien, maar deze planten vind ik erg lijken op de grote ratelaar, die ik ken van andere locaties. Er bestaan tussenvormen van deze twee soorten, die waarschijnlijk uit kruisingen ontstaan. Het zou me niet verbazen als er dergelijke tussenvormen groeien in de Idylle, maar omdat het uiterlijk van ratelaars sowieso nogal variabel is ben ik daar niet zeker van.
Na de waarneming van kleine ratelaar aan de Laan van Klapwijk, weet ik dat ze duidelijk kunnen verschillen van grote ratelaar. Vooral de donkergroene schutblaadjes in de bloeiwijze zorgen voor een heel ander aanzien. Aan de Laan van Klapwijk groeit verder nog de harige ratelaar. Deze derde soort heeft bleekgroene toppen en behaarde bloemkelken. Als de ratelaars zijn uitgebloeid en de zaden rijp, dan sterven de planten. Daarna verhouten de stengels en de opgeblazen bloemkelken. De rijpe zaden komen vrij in de bloemkelk. Als het waait slingeren de taaie stengels heen en weer, waardoor de zaden in de directe omgeving van de plant worden verspreid. Aan het gerammel van de zaden in de houtige kelken ontlenen de ratelaars hun naam.


Informatie NMP Pijnacker
Vereniging voor Natuur- en Milieubescherming Pijnacker
Vereniging voor

Natuur- en Milieubescherming Pijnacker

Word ook  lid

Steun het werk van onze vereniging en word voor € 11,- per jaar lid.
En ontvang 4 x per jaar ons verenigingsblad De Verderkijker.

© Natuur- en Milieubescherming Pijnacker.